,,Hoorde je iets knappen, of iets scheuren?”, vroeg de orthopeed toen ik bij hem op de behandeltafel lag, twee weken nadat ik door mijn knie was gezakt tijdens een training bij UVS. Ik kon het me niet herinneren. Ik had wat gevoeld dat ik nooit nog een keer wenste te voelen tijdens het voetballen, maar of ik daarbij daadwerkelijk iets hoorde knappen of scheuren: geen idee. In eenzelfde soort bewoording antwoordde ik dat op de vraag van mijn orthopeed. ,,Dan denk ik niet dat het om een kruisband gaat. Als die scheurt dan kunnen anderen op het veld dat bijna horen”, zei hij toen. 

In de tussenliggende twee weken – van de donderdagtraining dat ik de blessure opliep, tot de afspraak bij de kliniek – had ik me al wel verdiept in een van de meest gevreesde blessures van een voetballer, waarvan de bijnaam ‘de hartaanval voor de knie’ is. Ook op internet had ik al gelezen dat in de meeste gevallen iemand zijn kruisband echt hoort scheuren, daarom was ik het specifieke moment op de training in mijn hoofd wel tweehonderd keer nagegaan, maar ik kon het niet terughalen.

Scan
Afgelopen maandag kreeg ik de uitslag van de MRI-scan. Mijn orthopeed belde op. Het onderzoek had uitgewezen dat mijn voorste kruisband het toch had begeven. Ik hoorde aan de arts dat hij zich schuldig voelde, omdat hij mij in eerste instantie hoop had gegeven op een gunstigere diagnose. Kwalijk nam ik hem dat niet. Ondanks dat ik niks had horen ‘knappen’, wist ik het al. Eigenlijk al vanaf het moment dat het gebeurde. 

In de loop der jaren heb ik met heel veel jongens gevoetbald, die hetzelfde is gebeurd. Ook als journalist heb ik met ze gesproken en verhalen over ze geschreven. Allemaal hebben ze me het voorgevoel van een ernstige blessure, kapotte knieën of verrotte enkels, wel eens proberen te beschrijven. Het lukte mij dan uiteindelijk nooit om me bij die beschrijving een voorstelling te maken, laat staan het op papier te krijgen. Ik dacht dat dat zou veranderen nu ik het zelf ervaren heb, maar dat is niet zo.

,,Voor een ernstige blessure geldt dat niet”

Vreemd, vond ik. Doordat ik ooit kampioen ben geworden, kon ik me beter inleven in die euforie. Omdat ik ooit gedegradeerd ben, weet ik als journalist ook hoe pijnlijk dat is. Hetzelfde geldt voor ruzie maken in het veld, met een slechte scheidsrechter omgaan of wissel zitten: als je het zelf een keer beleeft, kan je je beter inleven en die ervaring beter onder woorden brengen. Voor een ernstige blessure geldt dat dus niet.

Het is misschien maar goed ook. Ik heb eigenlijk ook nog nooit iets leuks gelezen over een ernstige blessure. Wel over ‘het sterker terugkomen daarvan’. Al is ook die term nu nog vrij oppervlakkig en emotieloos voor mij, ik hoop dat ik er straks de meest prachtige verhalen over kan schrijven.

Foto: Trudy van den Berg

Lees ook:Vertrekkende Valken-trainer vindt nieuwe uitdaging in Zoeterwoude



POPULAIRE BERICHTEN